Eigenlijk is het niet goed te zeggen, in welke groep welk rekenspel het meest geschikt is. Immers binnen één groep kunnen leerlingen erg verschillen in niveau. Wat voor de ene leerling in groep 4 moeilijk is, kan voor een andere leerling in groep 3 eenvoudig zijn. Daarom delen we de spellen allereerst in op basis van de rekenstof die in een bepaalde groep aan de orde komt. Zo komt 'omgaan met getallen tot 100' voornamelijk in groep 4 aan de orde. Dus staan spellen die als inhoud 'Getallen tot 100' hebben, vooral bij groep 4.

Aan de andere kant is er de vraag of een leerling toe is aan een bepaald spel. Dat hangt ook af van het type vaardigheid dat van leerlingen wordt gevraagd. Gaat het bij het spel om inzicht? Of om het leren van procedures? Gaat het om oefenen of juist om het toepassen van allerlei inzichten, kennis en vaardigheden en hierover redeneren? Ook daar letten we op bij de indeling.

In de praktijk blijkt dat een spel zelden bij slechts één leerjaar hoort. We geven dan ook aan bij welke leerjaren het spel volgens ons het meest geschikt is. Dit wordt aangegeven met de getallen van de betreffende groepen in de overzichten of gekleurde bolletjes in de beschrijvingen van de spellen zelf. Het spel past dan het meeste bij de gemiddelde leerling in de leerjaren die blauw gekleurd zijn.

Bolletjes

In het voorbeeld hierboven staat dat het spel geschikt is voor groep 3 en 4 en voor kinderen met een ontwikkelingsvoorsprong in groep 2. Het is dan vaak ook geschikt voor zwakkere rekenaars in een of twee leerjaren erna, in dit geval groep 5 en 6.