Rekendoelen bij het spel:  

  • Oefenen van de getallenrij
  • Herkennen van de getalsymbolen van 1 tot en met 10
  • Redeneren over handige oplossingsmanieren
  • Oefenen van de volgorde van de getallen in de getallenrij tot en met 10
  • Herkennen en benoemen van de getalsymbolen tot en met 10
Groepen
1+, 2, 3
Rekendomein
Getalbegrip
Drempels
0A

Rekendoelen bij het spel:  

  • Puzzelen met gewicht en hoeveelheden en de relatie hiertussen
  • Logisch denken en redeneren over gewicht
Groepen
1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Meetkunde, Logisch denken/redeneren

Rekendoelen bij het spel:  

  • Ruimtelijk redeneren en strategisch spelen
  • Handige routes zoeken en maken
Groepen
2, 3, 4, 5
Rekendomein
Meetkunde, Logisch denken/redeneren

Rekendoelen bij het spel:  

  • Handig rekenen onder 20 door getallen slim te combineren
Groepen
3, 4, 5
Rekendomein
Bewerkingen
Drempels
1, 3

Rekendoelen bij het spel:  

  • Tellen en vergelijken van hoeveelheden tot en met 6
  • Direct overzien van dobbelsteenpatronen t/m 6 zonder tellen
  • Gebruiken van de begrippen: meer/minder/meeste/ minste/evenveel/verder/voor/achter
  • Vergelijken en/of ordenen van twee hoeveelheden t/m 6
  • Tellen van stippen op de dobbelsteen t/m 6
  • Opzeggen van de telrij t/m 6
Groepen
1, 2
Rekendomein
Getalbegrip
Drempels
0A

Rekendoelen bij het spel:  

  • Lezen van plattegronden op opdrachtkaarten
  • Ruimtelijke oriëntatie: nadenken over de positie van de speelstukken t.o.v. elkaar
  • Ruimtelijk denken en redeneren

 

Groepen
1, 2
Rekendomein
Meetkunde, Logisch denken/redeneren

Rekendoelen bij het spel:  

  • Lezen van plattegronden op opdrachtkaarten
  • Bouwen met blokken in verschillende vormen en grootte
  • Ruimtelijk denken en redeneren

 

Groepen
2, 3, 4
Rekendomein
Meetkunde, Logisch denken/redeneren

Rekendoelen bij het spel:  

  • Vlot leren uitrekenen van de optellingen over de 10
  • Relaties benutten tussen optellen en aftrekken
  • Kritisch denken en redeneren
  • Automatiseren van de moeilijkere optellingen over de 10: 5,6,7,8,9 + 6,7,8,9
  • Relatie doorzien tussen optellen en aftrekken
  • Handig en strategisch spelen
Groepen
4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Bewerkingen, Logisch denken/redeneren
Drempels
3A

Rekendoelen bij het spel:  

  • Vlot leren vermenigvuldigen
  • Relaties benutten tussen vermenigvuldigen en delen
  • Handig en strategisch spelen en redeneren
  • Automatiseren van de kleinere vermenigvuldigingen in de makkelijkere tafels: 2,3,4,5 X 2,3,4,5
  • Relatie doorzien tussen vermenigvuldigen en delen
  • Handig en strategisch spelen
Groepen
4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Bewerkingen, Logisch denken/redeneren
Drempels
5A

Rekendoelen bij het spel:  

  • Vlot leren vermenigvuldigen
  • Relaties benutten tussen vermenigvuldigen en delen
  • Handig en strategisch spelen en redeneren
  • Automatiseren van de kleinere vermenigvuldigingen in de makkelijkere tafels: 2,3,4,5 X 2,3,4,5
  • Relatie doorzien tussen vermenigvuldigen en delen
  • Handig en strategisch spelen
Groepen
4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Bewerkingen, Logisch denken/redeneren
Drempels
5A, 5B

Rekendoelen bij het spel:  

  • Vlot leren vermenigvuldigen
  • Relaties benutten tussen vermenigvuldigen en delen
  • Handig en strategisch spelen en redeneren
  • Automatiseren van de vermenigvuldigingen in de tafels: 6,7,8,9 X 6,7,8,9
  • Relatie doorzien tussen vermenigvuldigen en delen
  • Handig en strategisch spelen
Groepen
5, 6, 7, 8
Rekendomein
Bewerkingen, Logisch denken/redeneren
Drempels
5B

Rekendoelen bij het spel:  

  • Vergelijken en ordenen van getallen t/m 20
  • Kennen van de getallenrij van 0 tot 20Inzicht hebben in de getallenrij tot 20
  • Kunnen vergelijken en ordenen van getallen tot 20
  • Begrippen als: groter dan, kleiner dan, grootste, kleinste, in de context van 'getallen vergelijken' kunnen gebruiken
  • Kunnen redeneren over de relatie tussen getallen tot 20
Groepen
2, 3, 4
Rekendomein
Getalbegrip
Drempels
0B

Rekendoelen bij het spel:  

  • Vergelijken en ordenen van getallen t/m 1000
  • Kunnen vergelijken en ordenen van getallen tot 1000 op basis van inzicht in de structuur van de telrij en structuur van getallen
  • Waarde van getallen kennen op basis van honderdtallen, tientallen en eenheden
  • Waarde van cijfers in een getal kunnen bepalen
  • Kunnen redeneren over vergelijken van getallen tot 1000
Groepen
4, 5, 6
Rekendomein
Getalbegrip
Drempels
5A

Rekendoelen bij het spel:  

  • Optellen en aftrekken onder 100
  • Strategisch denken en spelen, en redeneren
Groepen
4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Logisch denken/redeneren

Rekendoelen bij het spel:  

  • Vergelijken en ordenen van getallen t/m 20 en hierbij redeneren
  • Onderling kunnen vergelijken en ordenen van getallen tot 20
  • Verschil kunnen bepalen tussen getallen tot 20
  • Kunnen redeneren over getallen en hun plaats ten opzichte van elkaar in de getallenrij
Groepen
3, 4
Rekendomein
Getalbegrip
Drempels
0B

Rekendoelen bij het spel:  

  • Vlot leren uitrekenen van de optellingen over de 10
  • Relaties benutten tussen optellen en aftrekken
  • Kritisch denken en redeneren
  • Automatiseren van de moeilijkere optellingen over de 10: 5,6,7,8,9 + 6,7,8,9
  • Relatie doorzien tussen optellen en aftrekken
  • Handig en strategisch spelen
Groepen
4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Bewerkingen, Logisch denken/redeneren
Drempels
3A

Rekendoelen bij het spel:  

  • Vlot leren vermenigvuldigen
  • Relaties benutten tussen vermenigvuldigen en delen
  • Handig en strategisch spelen en redeneren
  • Automatiseren van de kleinere vermenigvuldigingen in de makkelijkere tafels: 2,3,4,5 X 2,3,4,5
  • Relatie doorzien tussen vermenigvuldigen en delen
  • Handig en strategisch spelen
Groepen
4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Bewerkingen, Logisch denken/redeneren
Drempels
5A

Rekendoelen bij het spel:  

  • Vlot leren vermenigvuldigen
  • Automatiseren van de vermenigvuldigingen in de tafels: 2,3,4,5 X 6,7,8,9 en omgekeerd
  • Relaties benutten tussen vermenigvuldigen en delen
  • Relatie doorzien tussen vermenigvuldigen en delen
  • Handig en strategisch spelen
Groepen
4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Bewerkingen, Logisch denken/redeneren
Drempels
5A, 5B

Rekendoelen bij het spel:  

  • Vlot leren vermenigvuldigen
  • Automatiseren van de vermenigvuldigingen in de tafels: 6,7,8,9 X 6,7,8,9
  • Relaties benutten tussen vermenigvuldigen en delen
  • Relatie doorzien tussen vermenigvuldigen en delen
  • Handig en strategisch spelen en redeneren
Groepen
4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Bewerkingen, Logisch denken/redeneren
Drempels
5B

Rekendoelen bij het spel:  

  • Lezen van plattegronden op opdrachtkaarten
  • Ruimtelijke oriëntatie: speelstukken van verschillende vormen draaien zodat ze passen
  • Logisch denken en ruimtelijk redeneren

 

Groepen
1, 2, 3
Rekendomein
Meetkunde, Logisch denken/redeneren

Rekendoelen bij het spel:  

  • Memoriseren van de splitsingen van 8 en 9
  • Oefenen van het splitsen van 8 en van 9 in twee getallen
  • Oefenen van het optellen en aanvullen tot 8 en 9
  • Memoriseren van de splitsingen van 8 en 9
Groepen
2+, 3, 4
Rekendomein
Bewerkingen
Drempels
1C

Rekendoelen bij het spel:  

  • Memoriseren van de splitsingen van 10
  • Oefenen van het splitsen van 10 in twee getallen
  • Oefenen van het aanvullen tot 10
  • Memoriseren van de splitsingen van10
Groepen
2+, 3, 4
Rekendomein
Getalbegrip, Bewerkingen
Drempels
1C

Rekendoelen bij het spel:  

  • Memoriseren van de splitsingen van 6 en 7
  • Oefenen van het splitsen van 6 en van 7 in twee getallen
  • Oefenen van het optellen en aanvullen tot 6 en 7
  • Memoriseren van de splitsingen van 6 en 7
Groepen
2+, 3, 4
Rekendomein
Bewerkingen
Drempels
1C

Rekendoelen bij het spel:  

  • Kunnen splitsen en samenstellen van bedragen tot 20 euro op verschillende manieren
  • Handig bij elkaar kunnen tellen van geldbedragen tot 20 euro
  • Handig kunnen inwisselen van briefjes en munten
  • Kunnen redeneren over het samenstellen en wisselen van geldbedragen
Groepen
3, 4
Rekendomein
Bewerkingen, Logisch denken/redeneren

Rekendoelen bij het spel:  

  • Getallen in de getallenrij t/m 100 vergelijken en ordenen
  • Orde van grootte van getallen ten opzichte van elkaar inschatten
  • Logisch denken en redeneren over de getallenrij tot en met 100
Groepen
3, 4, 5
Rekendomein
Getalbegrip, Logisch denken/redeneren
Drempels
2

Rekendoelen bij het spel:  

  • Getallen zoeken op basis van tientallige structuur en de volgorde in de telrij
  • Oefenen van de volgorde van de getallen t/m 10
Groepen
4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Getalbegrip, Logisch denken/redeneren
Drempels
4A

Rekendoelen bij het spel:  

  • Oefenen van de volgorde van de detallenlijn t/m 10
  • Volgorde van de getallen van 1 tot en met 10 kennen
  • Namen van de getalsymbolen kennen
  • Kunnen verder tellen en terugtellen in de telrij tot en met 10
Groepen
2, 3
Rekendomein
Getalbegrip
Drempels
0A

Rekendoelen bij het spel:  

  • Tellen van stippen op de dobbelstenen t/m 12
  • Vergelijken en/of ordenen van twee hoeveelheden t/m 15.
  • Gebruiken van de begrippen: meer/minder/meeste/ minste/evenveel/verder/voor/achter
  • Direct overzien van dobbelsteenpatronen t/m 6 zonder tellen
  • Verkort tellen (stippen op twee dobbelstenen handig samennemen
Groepen
1, 2, 3
Rekendomein
Getalbegrip
Drempels
0A

Rekendoelen bij het spel:  

  • Memoriseren van de moeilijkere aftrekkingen over de 10: 18,17,16,15,14,13,12,11 9,8,7,6,5,4,3,2 waarbij het antwoord onder 10 ligt
Groepen
3, 4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Bewerkingen
Drempels
3B

Rekendoelen bij het spel:  

  • Memoriseren van de aftrekkingen t/m 10 (10-, 9-, 8-, 7-, 6-, 5- / 10, 9, 8, 7, 6, 5,. 4, 3, 2, 1)
Groepen
3, 4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Bewerkingen
Drempels
1B

Rekendoelen bij het spel:  

  • Memoriseren van de aftrekkingen t/m 5
Groepen
3, 4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Bewerkingen
Drempels
1B

Rekendoelen bij het spel:  

  • Memoriseren van de moeilijkere optellingen over de 10: 5,6,7,8,9 + 6,7,8,9
Groepen
3, 4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Bewerkingen
Drempels
3A

Rekendoelen bij het spel:  

  • Memoriseren van de optellingen t/m 10
Groepen
3, 4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Bewerkingen
Drempels
1A

Rekendoelen bij het spel:  

  • Memoriseren van de optellingen t/m 5
Groepen
3, 4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Bewerkingen
Drempels
1A

Rekendoelen bij het spel:  

  • Memoriseren van de makkelijkere vermenigvuldigingen: 2,3,4,5 X 2,3,4,5
Groepen
4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Bewerkingen
Drempels
5A

Rekendoelen bij het spel:  

  • Memoriseren van vermenigvuldigingen: 2,3,4,5 X 6,7,8,9 en omgekeerd
Groepen
4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Bewerkingen
Drempels
5A, 5B

Rekendoelen bij het spel:  

  • Memoriseren van vermenigvuldigingen: 6,7,8,9 X 6,7,8,9
Groepen
4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Bewerkingen
Drempels
5B

Rekendoelen bij het spel:  

  • Tellen van hoeveelheden tot en met 10
  • Kleine hoeveelheden t/m 10 overzien door gebruik te maken van de vijfstructuur
  • Verkort tellen tot en met 10 door hoeveelheden in een keer te overzien
  • Herkennen van de getalsymbolen tot en met 10
Groepen
1, 2
Rekendomein
Getalbegrip
Drempels
0A

Rekendoelen bij het spel:  

  • Tellen van hoeveelheden tot en met 20
  • Hoeveelheden t/m 20 overzien door gebruik te maken van de vijfstructuur en tien-structuur
  • Verkort tellen tot en met 10 door hoeveelheden in een keer te overzien
  • Herkennen van de getalsymbolen tot en met 20
Groepen
1, 2, 3
Rekendomein
Getalbegrip, Logisch denken/redeneren
Drempels
0B

Rekendoelen bij het spel:  

  • Automatiseren en memoriseren van de volgende aftrekkingen tot en met 10: 10,9,8,7,6 10,9,8,7,6,5,4,3,2,1
Groepen
4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Bewerkingen
Drempels
3B

Rekendoelen bij het spel:  

  • Automatiseren en memoriseren van de volgende aftrekkingen tot en met 10: 10,9,8,7,6 10,9,8,7,6,5,4,3,2,1
Groepen
3, 4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Bewerkingen
Drempels
1B

Rekendoelen bij het spel:  

  • Automatiseren en memoriseren van de optellingen over de 10: 5,6,7,8,9 + 6,7,8,9
Groepen
4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Bewerkingen
Drempels
3A

Rekendoelen bij het spel:  

  • Samenstellen en splitsen van een hoeveelheid van 5
  • In een keer overzien van kleine hoeveelheden tot en met 5
  • Oefenen in het tellen van hoeveelheden tot en met 5
  • Vlot kunnen overzien van kleine hoeveelheden tot en met 5 zonder tellen
  • Hoeveelheid van 5 kunnen samenstellen op verschillende manieren
  • Leren van de splitsingen van 5.
Groepen
1+, 2, 3
Rekendomein
Getalbegrip
Drempels
0A

Rekendoelen bij het spel:  

  • Omgaan met de getallenrij tot en met 20: vergelijken, ordenen
  • Tellen met sprongen tot en met 20
  • Logisch denken en redeneren
  • Inzicht hebben in de relaties tussen getallen in de telrij tot 20
  • Relaties tussen getallen in de getallenrij tot 20 kunnen verwoorden
  • Getallen in de getallenrij tot 20 kunnen vergelijken en ordenen
  • Kunnen tellen met sprongen (ook anders dan van één) in de getallenrij tot 20
Groepen
4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Bewerkingen
Drempels
0B

Rekendoelen bij het spel:  

  • Ruimtelijk redeneren: verschuiven en bedekken in het platte vlak
  • Ruimtelijk redeneren: mogelijkheden zien van verschillende draaiingen van speelstukken
  • Lezen en vergelijken van opdrachten en oplossingen van puzzelstukken in het platte vlak
  • Vooruitdenken: welke opties kunnen zeker wel en welke absoluut niet
  • Redeneren: op welke manier kan ik het ene figuur wel bedekken en het andere niet; hoe moet ik de speelstukken draaien
Groepen
1+, 2, 3, 4, 5, 6
Rekendomein
Meetkunde, Logisch denken/redeneren

Rekendoelen bij het spel:  

  • Optellen en aftrekken onder 100 met meer getallen
  • Schattend optellen en aftrekken onder 100 met meer getallen
  • Aanvullen tot 100
  • Redeneren over getallen en bewerkingen t/m 100
Groepen
4, 5
Rekendomein
Bewerkingen

Rekendoelen bij het spel:  

  • Memoriseren van de moeilijkere vermenigvuldigingen uit de tafels van 5 t/m 9: 5,6,7,8,9 X 5,6,7,8,9
  • Relatie benutten tussen vermenigvuldigen en delen
  • Relatie doorzien tussen vermenigvuldigen en delen
Groepen
4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Bewerkingen
Drempels
5B

Rekendoelen bij het spel:  

  • Memoriseren van de aftrekkingen over de 10: 18,17,16,15,14,13,12,11 ─ 9,8,7,6,5,4,3,2, waarbij de 10 wordt overschreden
  • Relatie benutten tussen optellen en aftrekken
  • Relatie doorzien tussen optellen en aftrekken
Groepen
4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Bewerkingen
Drempels
3B

Rekendoelen bij het spel:  

  • Memoriseren van de aftrekkingen onder 10: 10,9,8,7,6,5,4,3,2 ─ 9,8,7,6,5,4,3,2,1
  • Relatie benutten tussen optellen en aftrekken
  • Relatie doorzien tussen optellen en aftrekken
Groepen
3, 4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Bewerkingen, Logisch denken/redeneren
Drempels
1B

Rekendoelen bij het spel:  

  • Handig rekenen met ronde getallen t/m 5000
  • Logisch denken en redeneren
Groepen
5, 6, 7, 8
Rekendomein
Getalbegrip, Bewerkingen

Rekendoelen bij het spel:  

  • Vergelijken, ordenen en positioneren van kommagetallen onder 2
  • Waarde van cijfers in kommagetallen vaststellen
  • Redeneren over tienden, honderdsten en duizendsten
  • Doorzien hoe de (tientallige) structuur van ons getalsysteem met kommagetallen in elkaar zit
  • Kunnen vergelijken, ordenen en positioneren van kommagetallen op basis van de structuur van kommagetallen en op basis van de structuur van de telrij
Groepen
6, 7, 8
Rekendomein
Getalbegrip, Logisch denken/redeneren

Rekendoelen bij het spel:  

  • Meetkundige figuren onderscheiden en bij elkaar zoeken
  • Logisch denken en redeneren
  • Meetkundig redeneren
Groepen
5, 6, 7, 8
Rekendomein
Getalbegrip, Bewerkingen

Rekendoelen bij het spel:  

  • Omgaan met hele uren
  • Sprongen maken van 1-4 stappen
  • Logisch denken en redeneren
  • Coöperatief werken en communiceren
Groepen
1, 2, 3
Rekendomein
Getalbegrip, Logisch denken/redeneren
Drempels
0A

Rekendoelen bij het spel:  

  • Handig optellen van getallen tot en met 10
  • Informeel rekenen met negatieve getallen (strafpunten onder 0)
  • Nadenken over eigenschappen van en relaties tussen de rekenbewerkingen
  • Logisch denken en redeneren en strategisch spelen
  • Ruimtelijk redeneren en strategisch spelen
  • Handige routes zoeken en maken
Groepen
2, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Bewerkingen, Logisch denken/redeneren

Rekendoelen bij het spel:  

  • Oplossen van splitsproblemen op opdrachtkaarten: de problemen worden steeds moeilijker en met grotere getallen
  • Handig tellen met vijven en enen (een rode kraal is 1 waard en een blauwe kraal is 5 waard)
  • Splitsen van getallen en hoeveelheden tot 50 in drie groepjes
  • Slim denken door informatie te combineren
  • Vooruit denken over oplossingen die wel en niet kunnen
Groepen
2, 3, 4, 5
Rekendomein
Getalbegrip, Bewerkingen

Rekendoelen bij het spel:  

  • Relaties tussen optellen, aftrekken en splitsen t/m 20
  • Handig tellen en handig rekenen t/m 20
  • Logisch denken en redeneren
  • Tellen onder 10, strategisch spelen en redeneren
Groepen
3, 4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Getalbegrip, Logisch denken/redeneren
Drempels
0A, 0B, 1A, 1B, 1C, 3A, 3B

Rekendoelen bij het spel:  

  • Optellen, aftrekken en splitsen tot en met 10
  • Relaties benutten tussen optellen, aftrekken en splitsen
  • Strategisch denken en redeneren
Groepen
2, 3, 4
Rekendomein
Getalbegrip
Drempels
1A, 1B, 1C

Rekendoelen bij het spel:  

  • Verkort tellen tot en met 12
  • Vlot vaststellen van hoeveelheden tot en met 12
  • Herkennen van de getallen tot en met 12
Groepen
1, 2, 3
Rekendomein
Getalbegrip
Drempels
0A

Rekendoelen bij het spel:  

  • Tellen en vergelijken van hoeveelheden tot en met 6/12
  • Kleine hoeveelheden overzien zonder tellen tot en met 6/12
  • Verkort tellen tot en met 6/12
  • Opzeggen van de telrij t/m 6
  • Tellen van stippen op de dobbelsteen t/m 6
  • Vergelijken en/of ordenen op meer, minder, meeste, minste, evenveel t/m 10
  • Verkort tellen met behulp van de dobbelsteenstructuur t/m 6
Groepen
1, 2
Rekendomein
Getalbegrip
Drempels
0A

Rekendoelen bij het spel:

  • Meetkundige figuren (tetris figuren) handig in elkaar passen
  • Logisch redeneren, vooruitdenken, anticiperen op acties van anderen
Groepen
4, 5, 7, 8
Rekendomein
Meetkunde, Logisch denken/redeneren

Rekendoelen bij het spel:  

  • Omgaan met richtingen en draaiingen
  • Verhoudingsgewijs vergroten en verkleinen
  • Vooruit denken, voorspellen, logisch denken en redeneren
Groepen
3, 4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Meetkunde

Rekendoelen bij het spel:  

  • Onderscheiden op verschillende ruimtelijke kenmerken
  • Strategisch spelen en logisch denken en redeneren
  • Nadenken over verschillende en overeenkomende ruimtelijke kenmerken
Groepen
2+, 3, 4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Meetkunde, Logisch denken/redeneren

Rekendoelen bij het spel:  

  • Meetkundige figuren onderscheiden en bij elkaar zoeken
  • Logisch denken en redeneren
  • Meetkundig redeneren
  • Vormen en kleuren bij elkaar zoeken op basis van verschillen en overeenkomsten; strategisch spelen
Groepen
2, 3, 4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Meetkunde, Logisch denken/redeneren

Rekendoelen bij het spel:  

  • Optellen, aftrekken en splitsen tot en met 12
  • Redeneren over bewerkingen tot en met 12
Groepen
4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Bewerkingen, Logisch denken/redeneren
Drempels
1A, 1B, 1C

Rekendoelen bij het spel:  

  • Flexibel optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en delen onder 36
  • Logisch denken en redeneren
  • Handig rekenen (optellen, vermenigvuldigen) en strategisch spelen onder 36
Groepen
4, 5, 6
Rekendomein
Getalbegrip
Drempels
4

Rekendoelen bij het spel:  

  •  Koppelen van hoeveelheden aan getallen en aan de getallenrij tot en met 9
  • Bij elkaar tellen van hoeveelheden
  • Herkennen van de volgorde van de getallen tot en met 9
  • Strategisch spelen en redeneren
Groepen
2, 3, 4
Rekendomein
Getalbegrip, Logisch denken/redeneren
Drempels
0A

Rekendoelen bij het spel:  

  • Flexibel omgaan met de getallen t/m 20
  • Oefenen van de volgorde van de getallen in de getallenrij tot 20
  • Vergelijken en ordenen van getallen tot en met 20
  • Inschatten hoe getallen in de getallenrij tot 20 ten opzichte van elkaar in de getallenrij liggen
  • Logisch denken en redeneren over getallen tot en met 20Splitsen van 10
Groepen
2, 3, 4, 6
Rekendomein
Getalbegrip, Bewerkingen, Logisch denken/redeneren
Drempels
0B

Rekendoelen bij het spel:  

  • Tellen en vergelijken van hoeveelheden tot en met 6
  • Opzeggen van de telrij tot en met 6Tellen van hoeveelheden tot en met 6
  • Oefenen van synchroon tellen en leggen van de één-één-relatie
  • Vergelijken/ordenen op meer/minder/meeste/minste/evenveel tot en met 6
  • Leren in een keer overzien van dobbelsteenpatronen tot en met 6
Groepen
1, 2
Rekendomein
Getalbegrip
Drempels
0A

Rekendoelen bij het spel:  

  • Ruimtelijk redeneren: puzzels oplopend in moeilijkheid oplossen door ruimtelijk te redeneren
  • Lezen van een plattegrond en van codetaal
  • Ruimtelijk redeneren: verplaatsen van objecten op een rooster en blokkades oplossen
  • Vooruitdenken over wat er zal gebeuren als je een bepaalde zet wel of niet doet
  • Redeneren: Wat gebeurt er als…; Hoe kan ik zorgen dat…
Groepen
1+, 2+, 3, 4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Meetkunde, Logisch denken/redeneren

Rekendoelen bij het spel:  

  • Onderscheiden van figuren op vorm, kleur, aantal en patroon
  • Combineren en sorteren waarbij gelet moet worden op verschillende eigenschappen en op zowel verschillen áls overeenkomsten
  • Logisch denken en redeneren
Groepen
2+, 3, 4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Meetkunde, Logisch denken/redeneren

Rekendoelen bij het spel:  

  • Onderscheiden van verschillende figuren op kleur, vorm en aantal
  • Figuren die precies overeenkomen in vorm, kleur, aantal bij elkaar zoeken
  • Combineren en sorteren waarbij gelet moet worden op verschillende eigenschappen en op zowel verschillen áls overeenkomsten
  • Logisch denken en redeneren
Groepen
1+, 2+, 3
Rekendomein
Meetkunde, Logisch denken/redeneren

Rekendoelen bij het spel:  

  • Lezen van opdrachtkaarten waarop een auto met blokken is afgebeeld
  • Ruimtelijk redeneren: Nagaan hoe de blokken ten opzichte van elkaar staan.
  • Wat gebeurt er als…; Hoe kan ik het blok zo zetten dat…In elkaar zetten van blokken op een autootje, zoals op de opdrachtkaart
  • Nadenken of een bepaald blok wel past of niet past en hoe dat blok moet staan
Groepen
1, 2, 3
Rekendomein
Meetkunde, Logisch denken/redeneren

Rekendoelen bij het spel:  

  • Wisselen en bundelen van geld op basis van de tienstructuur
  • Bundelen en wisselen van eenheden (losse euro's) in tientallen (tientjes) en omgekeerd
  • Verkennen van de tientallige structuur van het talstelsel (t/m 100) in de context van geld
  • Verkort tellen (t/m 100) met sprongen van tien en één in de context van geld
  • Handig bij elkaar tellen/samenstellen van geld: briefjes van tien en munten van één euro
  • Kunnen vergelijken en ordenen van bedragen, samengesteld uit tientjes en euro's (t/m 100)
  • Handig bij elkaar tellen van stippen op twee dobbelstenen (t/m12)
Groepen
3, 4, 5
Rekendomein
Getalbegrip
Drempels
4

Rekendoelen bij het spel:  

  • Losse euro’s en briefje van 10 bij elkaar tellen t/m 20
  • Handig vergelijken van stippen op twee paar dobbelstenen
  • Vergelijken van stippen op twee paar dobbelstenen
  • Tellen en verkort tellen van stippen op twee dobbelstenen
  • Direct overzien van aantal stippen op een dobbelsteen zonder tellen
  • Verkort tellen (t/m 20) met sprongen van tien en één in de context van geld
  • Handig bij elkaar tellen/samenstellen van geld: briefje van tien en munten van één euro
  • Vergelijken en ordenen van bedragen, samengesteld uit een tientje en euro's (t/m 20)
Groepen
2, 3, 4
Rekendomein
Getalbegrip
Drempels
0B

Rekendoelen bij het spel:  

  • Naleggen van afbeeldingen in 2D naar 3D door te letten op volgorde van kleuren en richting
  • Naleggen van afbeeldingen in 2D naar 3D door te letten op volgorde van kleuren en richting (horizontaal 'op een rijtje' of verticaal 'als stapeltje')
  • Kleuren onderscheiden, herkennen en eventueel benoemen
  • Meetkundige begrippen herkennen en gebruiken als 'naast', 'op', 'onder', 'boven, 'voor', 'achter'
  • Kunnen uitleggen waarom een afbeelding en bouwwerkje wel of juist niet overeenkomen
Groepen
1, 2, 3
Rekendomein
Meetkunde

Rekendoelen bij het spel:  

  • Naleggen van afbeeldingen in 2D naar 3D door te letten op volgorde van kleuren en richting (horizontaal 'op een rijtje' of verticaal 'als stapeltje')
  • Kleuren onderscheiden, herkennen en eventueel benoemen
  • Meetkundige begrippen herkennen en gebruiken als 'naast', 'op', 'onder', 'boven, 'voor', 'achter'
  • Kunnen uitleggen waarom een afbeelding en bouwwerkje wel of juist niet overeenkomen
Groepen
1+, 2, 3, 4
Rekendomein
Meetkunde

Rekendoelen bij het spel:  

  • Volgorde van hoeveelheden van 1 t/m 10 oefenen
  • Kunnen tellen van gestructureerde hoeveelheden tot en met 10
  • Kunnen ordenen van gestructureerde hoeveelheden tot en met 10
  • Hoeveelheden vlot tellen door gebruik te maken van de vijfstructuur
  • Gebruiken van de begrippen één meer en één minder
Groepen
1, 2, 3
Rekendomein
Getalbegrip
Drempels
0A

Rekendoelen bij het spel:  

  • Vergelijken en ordenen van getallen t/m 104 en hierbij strategisch spelen
  • Getallen tot en met 104 vergelijken en ordenen
  • Doorzien van de structuur van de telrij
  • Redeneren over de volgorde van getallen
  • Redeneren over spelsituaties rond getalbegrip
Groepen
4, 5, 6, 7
Rekendomein
Getalbegrip

Rekendoelen bij het spel: 

  • Handig optellen en vermenigvuldigen onder 150
Groepen
3, 4, 5, 6
Rekendomein
Bewerkingen, Logisch denken/redeneren

Rekendoelen bij het spel:  

  • Tellen met sprongen van 1 en 10, heen en terug
  • Getallen vergelijken en ordenen
  • Informeel werken met negatieve getallen (Bij elkaar tellen van pluspunten en minpunten)
  • Logisch denken/redeneren en strategisch spelen
Groepen
3, 4, 5
Rekendomein
Getalbegrip, Logisch denken/redeneren
Drempels
2

Kinderen in groep 1 en 2 vinden samen spelletjes spelen erg leuk. Maar het is voor veel kleuters nog wel moeilijk om het met elkaar te spelen zonder oudere kinderen of volwassenen. Ze hebben moeite met het onthouden van de spelregels of met de duur van een spel. Ook kan het dat ze meer moeite hebben om hun emoties te onderdrukken. Bijvoorbeeld als het even niet lukt of als ze achter staan. We hebben spellen geselecteerd die eenvoudig zijn te begrijpen en niet lang duren. Spellen die bij jonge kinderen favoriet zijn én waarbij ze veel kunnen leren.

 

We onderscheiden de volgende domeinen:

Rekenspellen voor groep 1 en 2

Rekenspellen rond TELLEN EN GETALLEN voor kinderen in groep 1 en 2

 

Rekendoelen bij het spel:  

  • Oefenen van de getallenrij
  • Herkennen van de getalsymbolen van 1 tot en met 10
  • Redeneren over handige oplossingsmanieren
  • Oefenen van de volgorde van de getallen in de getallenrij tot en met 10
  • Herkennen en benoemen van de getalsymbolen tot en met 10
Groepen
1+, 2, 3
Rekendomein
Getalbegrip
Drempels
0A

Rekendoelen bij het spel:  

  • Oefenen van de getallenrij
  • Herkennen van de getalsymbolen van 1 tot en met 10
  • Redeneren over handige oplossingsmanieren
  • Oefenen van de volgorde van de getallen in de getallenrij tot en met 10
  • Herkennen en benoemen van de getalsymbolen tot en met 10
Groepen
1+, 2, 3
Rekendomein
Getalbegrip
Drempels
0A
Groepen
Rekendomein

Rekendoelen bij het spel:  

  • Vergelijken en ordenen van getallen tot en met 100
  • Logisch denken en redeneren over de getallenrij tot en met 100
  • Getallen in de getallenrij t/m 100 vergelijken en ordenen
  • Vaststellen of getallen dicht bij elkaar of verder uit elkaar liggen
  • Heen en terugtellen met sprongen van 100
Groepen
4, 5, 6
Rekendomein
Getalbegrip, Logisch denken/redeneren
Drempels
2

Rekendoelen bij het spel:  

  • Vergelijken en ordenen van getallen tot en met 100
  • Logisch denken en redeneren over de getallenrij tot en met 100
  • Getallen in de getallenrij t/m 100 vergelijken en ordenen
  • Orde van grootte van getallen ten opzichte van elkaar inschatten
Groepen
4, 5, 6
Rekendomein
Getalbegrip, Logisch denken/redeneren
Drempels
2

Rekendoelen bij het spel:  

  • Automatiseren en strategisch spelen
  • Automatiseren van de optellingen onder 10
Groepen
2+, 3, 4
Rekendomein
Bewerkingen
Drempels
1A

Rekendoelen bij het spel:  

  • Onderscheiden van voorwerpen op verschillen en overeenkomsten
  • Onderscheiden van verschillende kenmerken en zien van overeenkomstige kenmerken
  • Redeneren over verschillende en overeenkomstige kenmerken
Groepen
1+, 2+, 3, 4, 7
Rekendomein
Meetkunde, Logisch denken/redeneren

Rekendoelen bij het spel:  

  • Ruimtelijk redeneren: herkennen, benoemen en vergelijken van meetkundige basisvormen
  • Onderscheiden van figuren op vorm en kleur
  • Namen en kenmerken van meetkundige figuren leren: driehoek, rechthoek, vierkant, cirkel, ovaal
  • Leren/oefenen van de kleuren: rood, blauw, geel, groen, paars
  • Redeneren op basis van overeenkomsten en verschillen bij figuren die verschillen van vorm en kleur
Groepen
1, 2, 3
Rekendomein
Meetkunde

Rekendoelen bij het spel:  

  • Tellen en vergelijken van hoeveelheden tot en met 6/12
  • Kleine hoeveelheden overzien zonder tellen tot en met 6/12
  • Verkort tellen tot en met 6/12
  • Opzeggen van de telrij tot en met 6 of 12
  • Tellen van hoeveelheden tot en met 6 of 12
  • Vergelijken/ordenen op meer, minder, meeste, minste, evenveel tot en met 6 of 12
  • Verkort tellen met behulp van de dobbelsteenstructuur tot en met 6 of 12
  • Het oplossen van eenvoudige optelproblemen onder 6 of 12
  • Redeneren over spelsituaties rond getalbegrip
Groepen
1, 2, 3
Rekendomein
Getalbegrip
Drempels
0A

Rekendoelen bij het spel:  

  • Onderscheiden van overeenkomsten en verschillen van kenmerken
  • Logisch denken en redeneren
  • Onderscheiden van verschillende kenmerken van gezichten/personen (Bijvoorbeeld: kleuren haar, baard/geen baard; bril/geen bril, enzovoort)
  • Bedenken van goede vragen waarbij op kenmerken wordt geselecteerd
  • Redeneren en logisch denken over overeenkomsten en verschillen
Groepen
2+, 3, 4, 5
Rekendomein
Meetkunde, Logisch denken/redeneren

Rekendoelen bij het spel:  

  • Logisch denken en redeneren
Groepen
3, 4, 5, 6, 7, 8
Rekendomein
Meetkunde, Logisch denken/redeneren